My little locutorio

locutorio1Locutorio’s zijn kleine telefooncellen, die meestal achterin een lokale kruidenier zijn te vinden, behalve telefoons staan er tegenwoordig ook vaak PC’s, verbonden met Internet. De meeste kruideniers verkopen ook pindakaas, wijn voor € 1 per liter en wiskey, meestal J&B.

Locutorio’s, Locu’s  voor intimi, heb je in verschillende soorten en maten, en met een grote variatie aan kleuren en smaken. Je vindt ze op straat, om de hoek, in een souterain, op de 1e verdieping of zomaar achter een muur.

Als je even niet oplet, ben je er zomaar langsgelopen. En hoe verschillend ze ook mogen zijn,
ze zijn altijd opmerkelijk onopvallend

Locutorio’s zijn klassiek buitenlands-Spaans, zoals mijn Marokkaanse in Argana Alta.
Sommige locutorio’s kunnen behoorlijk enthousiast islamitisch zijn, waar je puber knullen naar filmpjes op youtube.com ziet staren, niet met rode oortjes naar een Miley Cyrus die op een Wrecking Ball semi -functioneel-naakt prachtig mooi zit te wezen. Neen, driewerf neen, ze kijken naar een oude man met een lange grijze baard, in een lange grijze jurk, die hel en verdoemenis afroept over alles en nog waarover waar je hel en verdoemenis kunt afroepen.

En dan heb je nog mijn eigen kleine favoriete, buurtLocu, mijn tweede kantoor kun je wel zeggen.
Afrikaans, een zootje, een gezellige puinhoop gerund door een jonge man en een jonge vrouw, de man begroet mij altijd met ‘Hola amigo, ¿que tal?‘ wat altijd weer een goed begin van de dag is.
De vrouw begroet mij niet, zij is multitaskend bezig, multitaskend wil in dit geval zeggen dat ze met alles en iedereen – behalve met mij – bezig is. Inkoop van goederen, opmaken van de kas, bellen met klanten, vriendinnen en haar moeder. Een spelletje doen op internet en tegelijkertijd uitzoeken waarom de mobiele telefoon niet meer werkt. Als er op dat moment iemand op straat langsloopt waar ze nog geld van krijgt, sprint de mede-eigenaresse naar buiten en grijpt de man bij de kladden. Nadat de betaling is afgehandeld, loopt ze weer naar binnen.
Dan vraag ik aan haar ‘puedo usar internet y puedo imprimir? (kan ik internetten en printen?)‘ Ze staat stil, draait zich om en kijkt mij aan. Met vuur in haar ogen vraagt ze ‘¿imprimir?’ en als ik dat bevestig loopt ze door en gaat achter de kassa zitten om weer te multitasken, ik kan haar nu beter niet storen en wacht rustig af. Na een paar minuten tikt ze iets in op het toetsenbord, kijkt naar het beeldscherm en roept tegen mij ‘¡la dos!‘ Ik draai me om en loop naar cabine nummer 2. Daar is alles nog donker, geen licht, de antieke PC staat nog uit en ik roep door de zaak ‘la dos, ¿seguro?‘ ‘si, si, si‘ is het afwezig klinkende antwoord. Ze is weer aan het multitasken, ik tel niet meer mee. Ik doe het licht aan, start de PC op en zet het beeldscherm aan. Als ik nog zou roken dan zou dít een goed moment om een peuk te doen. De PC’s zijn hier namelijk niet al te snel, best wel traag eigenlijk. Ik hang dus een beetje in de buurt rond van mijn cel totdat de apparatuur is opgestart.
Ik roep mijn website op, print 2 a4tjes, zet de pc weer uit en loop naar de kassa.
Dos papeles‘ (twee papiertjes) zeg ik tegen haar. Ze kijkt naar de printer en schudt haar hoofd, ‘No puede (dat kan niet)’ zegt ze, ‘ ¡Seguro! (zeker weten!)‘ antwoord ik.
Ze kijkt weer naar de printer en denkt even na over het knipperende rode lampje.
Nog nooit heb ik een Afrikaanse dame zo snel rood zien worden, ze staat op, spurt het pand uit en rent hard weg. Na een minuut of vijf is ze weer terug, mét een pak papier. Ze gooit het in de printer, die direct begint te zoemen en twee velletjes papier uitspuugt.
Zestig cent‘ roept ze geroutineerd, ik betaal en zeg nog, ‘¡gracias, hasta luego!(bedankt, tot ziens) voor ik de winkel uitloop.

Deze week staat de vloer van mijn Locu volledig blank. Alle  kinderen hebben het enorm naar hun zin, mijn Afrikaanse vriendin iets minder. ‘Vandaag geen internet’ zegt ze, haar schouders ophalend.

locutorio

Zoek het internet cafe

Ik ga naar een andere Locutorio, om de hoek, 25 meter verderop. Dit keer een Colombiaanse Locutorio, het is een mooie Locu, wat een wereld van verschil!. Een schoongemaakte ruimte, licht en opgeruimd. Uit de luidsprekers klinkt een zacht standaard supermarkt deuntje, Miley Cyrus natuurlijk, met …
Direct bij de ingang zit een jonge Colombiaanse meid, een jaar of 17 schat ik haar en ze is bloedmooi. Ik besluit dat ik haar Conchita zal noemen. Bij haar vergeleken verschrompeld Miley tot een oude gerimpelde bes. Volgend jaar kan iedereen Conchita op TV zien nadat ze de miss world verkiezingen heeft gewonnen.
Maar nu zegt ze dat ik bij PC nr 3 moet ik zijn. Internetten, printen, 3×2 velletjes (Nederlands, Engels én Spaans) naar drie .PDF bestanden en ik loop terug naar de kassa. ‘Ik heb 6 velletjes die geprint moeten worden’ zeg ik tegen haar. Conchita, kijkt op haar PC of er een bestand van mij staat ziet dat er drie .PDF files zijn en gooit direct twee van de drie bestanden weg. Ze bekijkt het overgebleven .PDF file en zegt dat ze maar twee pagina’s te printen heeft. Of ik er een nietje omheen wil vraagt ze met een oogverblindende glimlach.
Met behulp van een telapparaat en een uitgebreid spreadsheet gaat ze uitrekenen hoeveel ik moet betalen:
(( internettijd*het aantal pagina’s+opslagruimte*bandbreedte+nietje min het-aantal-niet-geprinte-pagina’s)*buitentemperatuur).
Ze kijkt me vrolijk aan en roept ‘Zestig cent‘.

Hopelijk is volgende week de vloer van mijn Afrikaanse Locutorio opgedroogd, Conchita zie ik volgend jaar wel op TV.

This entry was posted in Uncategorized and tagged . Bookmark the permalink.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>